Perfectionisme

Ons lichaam beseft steeds vaker dat de manier waarop we bezig zijn, niet meer de manier is die voor ons goed werkt. Het werkt eerder tegen je. Wat zeggen deze verschijnselen? Is het het harder rennen dan het lichaam kan bijhouden? Is het het zeggen dat er ook rust nodig is? Is het het alsmaar naar buiten kijken en te weinig naar binnen? Deze vragen komen steeds vaker op mijn pad en dit artikel gaat over het onderzoeken van deze vragen. Harder rennen dan het lichaam kan bijhouden. Het klinkt als het kenmerk en de fantastische eigenschap van een perfectionist. Immers, in deze geconditioneerde maatschappij is het een geweldig tool. Maar de perfectionist heeft ook de eigenschap om als eerste te zien wat er er niet goed is. Hij of zij stapt een ruimte binnen en ziet eerst wat er niet goed is en dan wellicht wat er wel goed is. Maar wat is goed? Alhoewel velen van jullie het gevoel hebben dat je hier in de afgelopen jaren geprobeerd hebt een balans in te vinden, blijft onderbewust dat gevoel dat je er altijd voor de volle 100% voor moet gaan. Maar is dat wel hetzelfde als perfectionistisch zijn? Zijn perfectionisme en voor de volle 100% gaan wel inherent aan elkaar? Het zit in de perfectionist verweven en dat heeft hem/haar ver gebracht. Dat heeft mij bijvoorbeeld geholpen om alle levenservaring ook aan te kunnen en mee te kunnen maken; om er het beste uit te halen, steeds weer. Om nooit op te geven en door te gaan, want je gaat er altijd voor. Maar waarvoor? Waarvoor ga je? Wat is het doel? En is er wel een persoonlijk doel voor ons als mensen? Is het niet simpelweg de weg, de reis, de onderneming op zich waar het om draait? Een uitspraak van John Lennon luidt:

 

“Life is what happens to you, while you're busy making other plans.”

 

Harder rennen dan het lichaam kan bijhouden. De onderliggende conditionering van dit aspect komt bij veel mensen voor. Als kind moest je al “van alles”. Dat “van alles” kon je op dat moment misschien niet goed aan, dat was wellicht een beetje te veel. De gevoeligheid die een kind van nature heeft, wordt hiermee om zeep geholpen. Er wordt door je brein nl. gezocht naar een overlevingsmechanisme, een oplossing, een fix om de race bij te houden. Dus als ik dan maar goed genoeg ben en overal het beste uithaal, dan is er weer even rust. Dan is het “goed”. Op dat moment werkt dat vóór je, waardoor je brein deze oplossing gaat accepteren en integreren. De verbindingen in je hersenen ontstaan en worden verder verweven in het diepste gedeelte van je conditioneringsdeel. Super! “We kunnen verder” denkt het brein; en dus ga je hier ook naar handelen. Tot een leeftijd van 21-25 jaar is je brein niet volledig ontwikkeld en kan dus  niet alle gevolgen overzien van de oplossingen die tot dusver voor je werkten. Dat is ook de reden waarom doorgaans je vanaf je 30e er pas achter komt dat de oplossing niet meer vóór je werkt, maar tégen je gaat werken. En wat dan? Kunnen we dan die briljante oplossingen zo maar aan kant zetten? Kunnen we het brein dan vragen om een andere, een betere oplossing? Meestal uit zich dit in een zoektocht. Een zoektocht naar hoe kan ik het anders doen? Hoe kan ik gelukkig worden? Hoe kan ik meer balans in mijn leven ontwikkelen. Hoe kan ik fit blijven om alles aan te kunnen? En de daarbij komende stress factor dat je het nu wel echt goed moet gaan aanpakken, want hé, je bent immers als dertiger in de bloei van je leven. Weer een conditionering die er boven op komt. Tja, het wordt er niet makkelijker op J. En toch is het makkelijker dan je denkt…. Geef je gedachten minder aandacht en geef je lichaam juist méér aandacht. Op die manier ontstaat er als vanzelf meer rust en minder stress in je lijf. Je komt weer terug naar die natuurlijke balans van het leven en gaat makkelijker mee met mooie dingen die het leven te bieden heeft. En ja, natuurlijk gaan er dingen mis, maar dan kun je er ook gemakkelijker mee omgaan. Niet dat er dan geen pijn meer is of verdriet als er iets ergs gebeurd, maar je bent beter in balans en je lichaam kan het beter opvangen en loslaten. Dit klinkt eenvoudig, maar is het zeker niet. De valkuil zit hem erin dat je elk klein babystapje dat je hierin neemt, niet meteen moet misplaatsen en de gedachte dat het niet goed genoeg is of te weinig of “ja, maar ik-ben-er-nog-lang-niet” gedachte niet moet toelaten. Elke stap, hoe klein ook, is er een van vooruitgang. Loslaten. Vertrouwen hebben. De veranderingen positief omarmen en steeds weer proberen om flexibeler te reageren op de situaties die zich voordoen.

 

Van harte wens ik jou als lezer hier veel plezier en geduld in en mocht je een duwtje in de rug nodig hebben of een intuïtieve reflectie, dan nodig ik je bij deze graag uit om een afspraak te maken in mijn praktijk.

 

Hartelijke groet,

Diana